Ellende die geluk brengt

Je zou kunnen denken dat Jezus zijn vrienden dwingt in de boot te gaan, om op verhaal te komen na zo’n drukke dag, met duizenden mensen die ze te eten hadden gegeven van vijf broden en twee vissen. Een fantastische dag hadden ze gehad met Jezus die dat kleine beetje had gezegend. Overvloed werd het. Het kon niet meer stuk. Nu waren ze toch echt toe aan rust. Daarom hád Jezus hen al meegenomen naar een eenzame plek. Maar tevergeefs. Want daar stonden zovele mensen allemaal op Jezus te wachten.

Ok. Dan een boottochtje om tot rust te komen. Maar owee, alweer geen rust. Het is zelfs verschrikkelijk. De hele nacht zijn ze aan het vechten tegen het water. Water, beeld voor alles wat een mens aan problemen tegenkomt, beeld van chaos en dood; waar gaat dit naar toe? Je dreigt ten onder te gaan. Tegen de morgen is de paniek nog heviger. Want wie is dat die over dit doodse water naar hen toe komt? 

Tegen de morgen gebeurt dit, na die lange nacht van duisternis en ellende. Petrus en de anderen zijn nog niet zo ver dat ze Jezus herkennen. Petrus twijfelt als hij van Jezus over het water naar Hem toe mag gaan, en begint te zinken. Nood leert bidden. Kijk maar naar het gebed dat Petrus uitschreeuwt: Heer, red mij. Het lijkt wel Paasmorgen. Ook nadat Jezus de kruisdood had ondergaan en zich dan levend aan hen toont, weten zijn vrienden niet hoe ze het hebben. 

Het kan ook óns gebeuren dat krachten ons te boven gaan, dat problemen ons dreigen te verzwelgen, dat we de moed kwijt raken. Wat een geluk, als je je leven niet meer zelf in de hand hebt, als je niet meer weet hoe verder. Dan pas leer je Jezus kennen en dan zie je dat Hij jou de hand reikt, dat Hij er is, al die tijd, die hele nacht dat je dacht ‘Waar is Hij nou? Waarom laat Hij dit allemaal toe? Moet het nog verder afzakken?’ Die hele nacht had Hij gebeden op de berg. Later zou Hij bidden in de Hof van Olijven, op de avond voordat Hij de dood zou ondergaan. Twee dagen daarna zou Hij de dood overwinnen. 

Hij is er, al die tijd. Hij draagt je in zijn gebed, daar boven op de berg, daar in de Hof van Olijven. Hij neemt je mee in zijn angst én overgave.

Hij is er, altijd. Wat goed als je ervaart dat Hij zijn hand naar je reikt, en jou redt uit elke ellende, zelfs uit de dood. Hij die sterker is dan het water, sterker dan de dood.

Het is dus niet zo erg als je in het bootje van de Kerk tegenwind ervaart. Het kan je helpen om je over te geven aan de liefde van Jezus, die voor ons over het water liep, … die voor ons door lijden en dood is gegaan.

Ook de grote profeet Elia was even de moed kwijt. Een storm raasde door zijn leven. Na zijn overwinning op de vele broodprofeten op de berg Karmel moest hij vluchten. Ze stonden hem naar het leven. En toen twijfelde hij aan zijn opdracht. Het liefst had hij het bijltje erbij neergegooid. Maar God bemoedigde hem. Niet met machtsvertoon. Maar in de stilte. Dan kan Elia weer aan de slag. 

Stilte kan je weer bij God brengen. En kan je de kracht geven om je taak weer op te pakken… als je in die stilte ervaart dat God er is, dat Jezus er is, in de Eucharistie, in je leven. Het gaat om een contact met Hem, van dag tot dag, ook in een kerk die je mogelijk ervaart als een wankel schip. Stilte opzoeken is een keuze … kan helpen in een storm.